gehoor

Veel kinderen hebben vanaf de peuterleeftijd last van verkoudheid die gepaard gaat met oorontstekingen. Zij horen dan tijdelijk minder goed, dit worden wisselende geleidingsverliezen genoemd. De medische kant van dit probleem wordt door een KNO-arts behandeld. Wanneer de gehoorproblemen leiden tot minder goed spreken is ook logopedie noodzakelijk.

Kinderen met  een aangeboren slechthorendheid worden tegenwoordig vaak op de basisschool begeleid door een ambulant begeleider van Kentalis. Meestal  is er bij hen ook een periode logopedie nodig.  Is de spraak ernstig aangedaan, dan krijgen ze een plek op een cluster 2 school, waar logopedisten aan verbonden zijn.

Ook volwassen slechthorenden en doven kunnen bij de logopedist terecht voor uitspraakverbetering of een cursus spraakafzien.

 

Het kan ook zijn dat bij een kind het gehoor goed is, maar dat hij niet goed kan verwerken  wat  hij hoort. De auditieve vaardigheden zijn dan onvoldoende. Voorbeelden: het kind hoort geen verschil tussen op elkaar lijkende klanken, kan niet rijmen, kan alleen maar heel korte zinnen of opdrachten onthouden, in groep 3 lukt het hem niet een serie klanken tot een heel woord samen te voegen. In onze praktijk kunnen we aan deze vaardigheden werken, maar wanneer het echt om het leren lezen gaat verwijzen we door naar een dyslexiespecialist.