spraak

Het is normaal dat jonge kinderen niet ineens alle spraakklanken goed kunnen uitspreken. De marge is daarbij vrij groot. In het algemeen beheersen kinderen met 6 jaar alle klanken. De /r/ en de /s/ staan bekend als het lastigst. Er kan echter sprake zijn van een fonologische stoornis: kinderen kunnen de klanken wel uitspreken, maar ze niet op de goede plaats in een woord gebruiken.   Kinderen zeggen dan bijvoorbeeld ‘tip’ voor ‘kip’, maar kunnen het woord ‘boek’  wel goed uitspreken. Wanneer dat met veel klanken het geval is, zal het lastig worden deze  kinderen te verstaan, zeker voor minder goede bekenden. Een kind van 3 jaar moet  echt wel voor  50-70% verstaanbaar zijn; een kind van 4 jaar voor 70-90%. Is dat niet het geval, dan is het verstandig de hulp van een logopedist in te roepen, zeker als het kind - of de ouders! - er gefrustreerd over raken.

 

Andere spraakproblemen zijn: slissen, lispelen, het ontbreken van de /r/, en binnensmonds spreken doordat de spieren van lippen en tong te weinig actief zijn. Meestal tref je dit aan bij kinderen, maar ook volwassenen kunnen hiervoor behandeld worden. De logopedist kan ook helpen bij het aanleren van de juiste  klanken in geval van tweetaligheid.

 

Tenslotte kan de logopedist mensen behandelen met spraakstoornissen ten gevolge van een neurologische aandoening. Denk daarbij aan dysartrie ten gevolge van  een herseninfarct of aan de ziekte van Parkinson,  ALS, MS.